Trans-Cedron was een Cellebroedersklooster te Venlo. Het was gelegen aan de Nieuwstraat in het Kloosterkwartier. 

Het complex Trans-Cedron was een omvangrijk kloostercomplex, dat met de achterzijde grensde aan de zuidelijke vestingwal en haaks op de Nieuwstraat lag, tussen de latere Spoorstraat en de Roermondsepoort. In het midden van het complex lag een kloostertuin, waaraan een tiendschuur lag. Verder had het complex circa 200 cellen, waarvan later een aantal werd omgebouwd tot leslokalen, een ruime keuken en een dagkapel.

Trans-Cedron (letterlijk vertaald: over de beek) werd in 1497 aan de Nieuwstraat door Alexianen (Cellebroeders) gesticht als Cellebroedershuis. Dit huis werd in 1497 omgevormd tot een klooster van de Heilige Graforde. In 1599 gaf de bisschop van Roermond toestemming om het af te staan aan begijnen, die tot die tijd een klooster aan de Begijnengang bewoonden. Met de verhuizing traden deze begijnen eerst toe tot de orde van de Franciscanessen, en in 1614 namen zij de regels en kleding van de Annunciaten aan. In 1618 bouwden deze zusters, geholpen door de vele giften, een nieuw en groter klooster. Dit klooster lag pal naast de plek waar later het Dominicanenklooster Mariaweide werd gebouwd. Een groot deel van de voorgevel brandde in 1747 af, door een brand in een nabijgelegen woonhuis. In 1866 woedde wederom een brand, die begon in een eveneens nabijgelegen zoutziederij. Daarbij brandde het gehele complex aan alle vier zijden af. Alleen de zuidelijke helft van de voorgevel bleef overeind staan.

De zusters vertrokken in 1797 uit het klooster, mede door het nieuwe bewind van de Fransen. Na hun vertrek werd het klooster als woning en pakhuis gebruikt. Tot 1825 bleef het in bezit van een raadslid genaamd Johannes Lenssen. In 1830 werd het complex vervallen verklaard, waarna het in bezit kwam van eveneens een raadslid, met de naam Peter Jozef Berger-Mertz. Dit was een industrieel, bankier en lid van de Provinciale Staten.

Het complex werd in 1879 gekocht door Duitse Dominicanen, die Düsseldorf moesten ontvluchten vanwege de door Otto von Bismarck gevoerde Kulturkampf. De Duitse kloosterorde breidde het complex in 1892 uit met een Collegium Albertinum, dat tot de Tweede Wereldoorlog bleef bestaan. In deze oorlog werd het complex in 1944 volledig verwoest, samen met het oude klooster Mariaweide. In 1962 was het nieuwe klooster Mariaweide klaar, en de dominicanen namen in hetzelfde jaar hun intrek in de nieuwbouw.

Momenteel ligt nog steeds een klein binnenstraatje in de binnenstad met de naam Aan Cedron.

Status: verdwenen

Geef een reactie