Pottenbakken

Pottenbakken is het modelleren van klei die daarna door middel van verwarming wordt verhard tot aardewerk en steengoed. Beeldjes werden op deze manier al gemaakt in het Laat-paleolithicum, zo’n 20.000 tot 30.000 jaar geleden, maar het daadwerkelijk maken van potten werd pas zinvol bij de overgang naar een meer sedentaire samenleving.

Voorwerpen van aardewerk en steengoed kunnen gebruiksvoorwerpen zijn, zoals potten, bekers, schalen, maar ook decoratieve voorwerpen. Technisch keramiek behoort niet tot het pottenbakken.

De grondstof voor pottenbakken is klei. Dit is een sedimentair gesteente. Het is te vinden langs de zeekust of rivieren. Het is meestal goed kneedbaar. Er bestaan veel soorten klei. Pottenbakkers gebruiken verschillende soorten. De grootte van het werk kan een bepalend element zijn voor de klei die wordt gebruikt, maar ook de kleur of de textuur die het voorwerp volgens zijn maker moet krijgen. Als klei droogt wordt deze hard, maar droge klei kan teruggebracht worden tot kneedbare klei door er water aan toe te voegen. Als het verhit is geweest is dat niet het geval.

Keramiek is een verzamelnaam waaronder verschillende door verhitting gemaakte materialen vallen. Het woord keramiek betekent gebakken aarde. Onder keramiek vallen: aardewerk, steengoed en porselein.

Aardewerk wordt bij temperaturen tussen de 900 en 1100 graden gevormd. Terracotta is ongeglazuurd aardewerk.

Steengoed vereist een hogere baktemperatuur dan aardewerk. Steengoed heeft een baktemperatuur tussen 1100 en 1300 graden en is waterdicht (de klei wordt steen).

Porselein wordt gebakken bij een temperatuur tussen ca. 1200 en 1400 graden

Bron: Wikipedia